Wat doe je op je 60, 65 en 70 het best met je geld?
Hoe ga je met je opgebouwde kapitaal om wanneer je je pensioensleeftijd nadert? En wat als je eenmaal met pensioen bent? We bekijken de scenario’s wanneer je 60, 65 en 70 bent.
IN HET KORT
. Als je 60 jaar bent: beleg meer in obligaties, minder in aandelen.
. Als je 65 jaar bent: geld in een pensioenspaarfonds kan je verder laten renderen.
. Als je 70 jaar bent: behoud je beleggingen als bron van extra inkomen.
Wanneer je 60 jaar bent
Als je twintiger of dertiger bent, kan je gerust nog veel in aandelen beleggen, op voorwaarde dat je je daar goed bij voelt. Zeker, aandelen houden meer risico in. Op korte termijn kan de waarde ervan sterk schommelen, maar op lange termijn brengen ze mogelijk meer op. En op die leeftijd heb je nog alle tijd om je beleggingen te laten groeien.
Naarmate je ouder wordt, zo vanaf je vijftigste, maak je je beleggingsportefeuille beter wat minder risicovol. Dat doe je door jaar na jaar meer in obligaties en minder in aandelen te beleggen. Om een idee te krijgen welke verhouding je daarbij kan aanhouden, bestaat er een eenvoudige formule. Je neemt je leeftijd en trekt die af van honderd. Dat getal is het almaar afnemende percentage dat je in aandelen belegt. Ben je 60 jaar, dan beleg je nog 40% in aandelen.
Als je voor je 55 met pensioensparen begon, betaal je 8% eindbelasting als je 60 wordt (16,50% op stortingen van voor 1993). Daarna kan je nog vijf jaarlijkse stortingen doen met fiscaal voordeel zonder eindbelasting. Start je met pensioensparen op je 55 of ouder? Dan betaal je de eindbelasting op de tiende verjaardag van je contract. Aangezien je maar aan fiscaal voordelig pensioensparen kan doen tot het jaar waarin je 64 bent, zijn er daarna geen jaren meer waarin je kan storten met fiscaal voordeel zonder dat je nog eindbelasting moet betalen.
Wat als je 65 jaar bent?
Fiscaal voordelig pensioensparen kan je tot het jaar waarin je 64 wordt. Wat er daarna gebeurt, hangt wat af van de manier waarop je aan pensioensparen deed. Deed je dat via een pensioenspaarverzekering, dan vervalt die meestal op je 65ste verjaardag. Het beschikbare geld kan je in één keer of in maandelijkse rentebedragen opvragen. Deed je aan pensioensparen via een pensioenspaarfonds? Dat kent geen eindvervaldag. Dus het bedrag dat je daarmee opbouwde, kan je deels opnemen en deels verder laten renderen.
Vanaf je wettelijke pensioenleeftijd (65, 66 of 67 jaar) krijg je ook maandelijks je wettelijke pensioen uitbetaald. Op datzelfde moment bekom je automatisch je aanvullend pensioen, opgebouwd via je werkgever. Ofwel kies je ervoor om het bedrag in één keer te ontvangen, ofwel ga je voor een vast rentebedrag per maand of jaar. Als je gaat voor het bedrag per maand of jaar, bekom je dat zolang je leeft.
Vergelijk hier het pensioensparen via een verzekeringsmaatschappij
Vergelijk hier het fiscaal voordelig sparen en beleggen via een pensioenspaarfonds
En wat vanaf je zeventigste?
Het geld dat je via je wettelijke, aanvullende en zelf opgebouwde pensioen bekomt, zou je gewoon op een spaarrekening kunnen laten staan. Maar als je spaargeld minder opbrengt dan de inflatie, verlies je koopkracht. Momenteel bedraagt de inflatie in België slechts 1,45%. Maar in de toekomst kan ze weer stijgen.
Ook na je pensioen blijf je dus het best beleggen. Hou dan genoeg geld opzij om de komende zes maanden je maandelijkse uitgaven mee af te dekken. Als gepensioneerde beleg je ook best voorzichtig. Dus zoals we al zeiden: almaar meer in obligaties. Van het belegde kapitaal kan je periodiek een bedrag beginnen op te nemen.
Start met een beleggingsplan volgens je risicoprofiel
- Nieuw samengesteld gezin: vier geldzaken om over te waken
- Staatsbonuitgifte leverde 263 miljoen euro op
- e-Depo trekt weer meer spaarders aan



Log in om reacties to posten. Geen login? Registreer u hier.