Wat als jij en je partner niet evenveel inbrengen voor de woonlening?

Over het algemeen kan je maximaal 90% van de aankoopwaarde van een woning lenen. De rest moet je zelf financieren. Aangezien een huis in België gemiddeld 348.800 euro kost, komt die eigen inbreng neer op een gemiddelde van 34.880 euro. Wat als je samen met je partner leent, maar die niet evenveel als jijzelf op tafel kan leggen?
IN HET KORT
. Als je niets regelt, bezitten jij en je partner de helft van de woning, ook bij ongelijke eigen inbreng. Dat is voer voor discussie als de relatie ooit stopt.
. Ongelijke verhouding: je neemt de ongelijke eigendomsverhouding op in de verkoopakte.
. Gelijke verhouding: je regelt een gelijke verhouding via een schulderkenning of leningsovereenkomst.
Jij werkt al een tijdje en legde al een spaarpotje aan, terwijl je partner maar nog net aan de slag is. Je krijgt wat hulp van je ouders, maar je partner kan daar niet op rekenen. Kortom, je staat er financieel sterker voor en kan dus een groter deel van de eigen inbreng voor de woonlening uit eigen vermogen betalen.
Als je niets regelt, zijn jij en je partner straks mede-eigenaar van de helft van de woning, ongeacht hoeveel eigen inbreng elk van jullie bijdroeg. Als de relatie ooit stopt, kan dat tot zware financiële discussies leiden. Je oorspronkelijke inbreng is dan niet beschermd. Beter regel je dus wel een en ander, waarbij je verschillende pistes kan bewandelen.
Je koopt ongelijke eigendomsdelen
Beginnen doen we met de eenvoudigste methode: je laat de eigendomsverhouding van het pand gewoonweg overeenstemmen met de financiële bijdrage van jezelf en je partner. Betaalde de ene 30% van de eigen inbreng en de andere 70%? Dan laat je een eigendomsverhouding van 30-70 opnemen in de aankoopakte.
Later draagt elke partner dan in verhouding tot zijn eigen eigendomspercentage bij aan investeringen in de woning. Loopt de relatie ooit stuk en verkopen jullie de woning, dan krijg in dezelfde verhouding een deel van de totale opbrengst.
Ga je toch voor een gelijke eigendomsverhouding?
Ondanks het feit dat jij en je partner een ongelijk deel van de eigen inbreng bijdragen, kunnen je partner en jezelf een leningsovereenkomst sluiten. Daarbij leent de partner die meer inbrengt een bedrag aan de andere partner, waardoor beiden de helft van de eigen inbreng kunnen bekostigen. Elke partner is dan voor de helft eigenaar. Belangrijk is daarbij dat jij en je partner goede afspraken maken over de terugbetaling.
Als alternatief kan de partner die minder bijdroeg schriftelijk een schulderkenning laten opnemen in de notariële akte. Die partner erkent dan een geldsom verschuldigd te zijn aan de andere partner die meer heeft ingebracht. Die andere heeft dan een juridisch bewijs in handen dat hij of zij nog geld tegoed heeft. Zo zijn beide partners toch voor 50% eigenaar van het aangekochte vastgoed.
Waarom voor een 50-50-verhouding gaan?
Als wettelijk of feitelijk samenwonende kan je een aanwasbeding laten opnemen in een notariële akte. Daarmee kom je overeen dat de langstlevende partner het samen aangekochte pand in volle eigendom of vruchtgebruik mag verwerven. Beide partners moeten daarvoor een gelijkwaardige levensverwachting hebben en inleg doen.
Bovendien kan je dan als ongehuwd koppel een ‘verklaring van anticipatieve of voorafgaande inbreng’ laten opnemen in de aankoopakte. Met die verklaring komt de aangekochte woning automatisch in het gemeenschappelijke vermogen terecht, als jij en je partner nadien beslissen te trouwen onder het wettelijke stelsel. Ook dat lukt alleen als beide partners voor de helft volle eigenaar zijn.
Ga je ervoor? Vind de goedkoopst mogelijke woonlening




Log in om reacties to posten. Geen login? Registreer u hier.